dinsdag 8 maart 2016

Hop on hop off


Het Zuid-Afrikaanse elektriciteitsnet werkt met 220/230 volt en 50 Hz wisselstroom. De meeste stekkers zijn driepolig (15 ampère) of tweepolig (5 ampère) en hebben ronde pinnen. Behalve in enkele afgelegen plattelandsgebieden is er vrijwel overal in Zuid-Afrika elektriciteit. Het Zuid-Afrikaanse energiebedrijf Eskom is de enige energieleverancier in Zuid-Afrika. In de afgelopen jaren is onvoldoende rekening gehouden met de toenemende vraag aan elektriciteit en door slecht onderhoud is er soms tekort aan energie. De energie wordt dan verdeeld door sommige regio’s zonder elektriciteit te zetten. Load shedding noemen ze dat. De elektriciteit wordt meestal 2,5 uur uitgezet. In Kaapstad is er een schema beschikbaar op internet, zodat we weten wanneer we aan de beurt zijn. We logeren in wijk 7 en zien dat er geen problemen zijn. PC, iPad en tandenborstel leggen we aan de stroom en gaan boodschappen doen bij supermarkt Checkers Seapoint, op nog geen vijf minuten lopen van ons appartement.

Net als iedere andere grote stad heeft Kaapstad een sightseeing bustour die langs alle bezienswaardigheden van Kaapstad komt. Er zijn vier routes: Red City TourBlue Mini Peninsula TourYellow Downtown Tour en Purple Wine Tour. Een dagticket kost online 160 rand. Over de Sea Point Promenade wandelen we naar de halte van de bus.

We krijgen een folder met informatie over de vertrektijden van de bussen en alle plaatsen waar we kunnen uitstappen en een set rode oordopjes. De bussen zijn dubbeldekkers met een gedeeltelijk open dak. Het zonnetje schijnt, we gaan boven zitten. De bus heeft geen gids. We pluggen de oordopjes naast onze stoel in en selecteren Nederlands. Afwisselend luisteren we naar een mannen- en vrouwenstem die beiden informatie geven over alle bijzondere bezienswaardigheden om ons heen.
Over de Beach road rijden we naar Green Point en zien achter Urban park  - het fitness- en sportpark voor inwoners van Kaapstad - het Cape Town Stadium liggen waar Nederland tijdens het WK in 2010 de halve finale won van Uruguay.   De bus vervolgt de route en komt langs een geamputeerde snelweg. Filmcrews nemen regelmatig stunts op op deze snelweg, die nooit is afgebouwd. Over de reden doen verschillende verhalen de ronde: van bezwaren van omwonenden over het vernietigen van cultureel erfgoed door de aanleg van de weg tot een fish & chipswinkel die op de plek een 99-jarig huurcontract had.

Bij het kantoor van CitySightSeeing stappen we uit. Om de hoek ligt Greenmarket Square, de markt waar vroeger de slaven verhandeld werden. Het is nu een plein met vele marktkraampjes waar toeristen Afrikaanse souvenirs kunnen kopen. We steken over en lopen naar Bo-Kaap, de meest kleurrijke wijk van Kaapstad. Na de afschaffing van de slavernij in 1838 gingen de vrijgelaten slaven hier wonen. Tijdens de slavernij was het verboden om kleurige kleding te dragen. De bewoners van Bo-Kaap besloten daarom de huizen juist in deze eerder verboden kleuren te schilderen. En tot op de dag van vandaag staan de huizen er kleurrijk bij. Ieder huis heeft een eigen kleur.
We lopen terug naar Long Street en pakken de blauwe busroute die al vrij snel langs District Six rijdt. District Six is een wijk in Kaapstad met een tragische geschiedenis. De overheid brandmerkte in de jaren zeventig de wijk als gevaarlijk en crimineel, die ontruimd moest worden. De wijk moest een blanke wijk worden. 60.000 inwoners werden gedwongen te verhuizen naar de Cape Flats, 25 kilometer verderop. Alle huizen werden gesloopt, alleen religieuze gebouwen bleven staan. De heropbouw van de wijk verliep moeizaam. Blanke aannemers waren huiverig om bouwklussen aan te nemen in deze wijk. District Six bleef nagenoeg onbebouwd.

Toen Mandela president werd van Zuid-Afrika, werden de oorspronkelijke bewoners gevraagd om weer terug te keren naar District Six. In 2003 begon de herbouw. Aan het einde van het jaar keerden 24 families terug naar District Six, maar de wederopbouw kwam niet echt van de grond. Wanneer we langs de wijk rijden, zien we nog steeds grote kale grasvelden.

Even verderop stopt de bus bij een kruispunt. Aan de overkant staan ook een paar automobilisten te wachten voor het rode stoplicht. Onmiddellijk komen er van allerlei kanten straatverkopers aanlopen die proberen hun koopwaar aan de man te brengen. De automobilisten kunnen geen kant op en luisteren naar de verkooppraatjes tot het stoplicht weer op groen springt. Maar of de verkopers ook echt wat verkopen?

De route vervolgt zich langs Kirstenbosch, het township Imizamo Yethu en Hout Bay. Hier stappen we uit voor de lunch. Hout Bay is een klein vissersdorpje. Bij Mariner’s Wharf eten we  fish & chips. We lopen naar de haven met vissersschepen. In het water bij de kade zwemmen een paar zeehonden. Af en toe klimt een zeehond op een rots en poseert voor de fotograferende toeristen. Uit de hand van Ben eet een zeehond een visje.
 

De bus rijdt verder langs de achterkant van de Tafelberg, waar de ‘twaalf apostelen’ liggen. Niemand weet waar de naam vandaan komt. De bergketen bestaat ook niet uit twaalf, maar uit zeventien inhammen. Links ligt de Atlantische Oceaan. Bij Camps Bay zijn vier prachtige witte stranden. Het zeewater is niet warm, in de zomer tussen de 10 en 14 graden. Kouder dan in de winter. Dit komt omdat het smeltwater van Antartica in zuidelijke richting wordt vervoerd. De zuidoostelijke wind blaast het warme oppervlaktewater weg. Weinig zwemmers dus in het water. De zeehonden liggen op grote rotsblokken in de zee te zonnen.

Op de Sea Point Promenade stappen we weer uit. Gekleurd door de zon gaan we terug naar ons appartement, waar Ben een heerlijke salade met biefstuk klaar maakt.