woensdag 15 juli 2015

Klein Bonaire

Klein Bonaire is een onbewoond en klein (6 km2) eiland voor de kust van Bonaire. Het eiland ligt recht voor Kralendijk, op een afstand van 800 meter. Klein Bonaire zou een paradijs voor duikers en snorkelaars moeten zijn. Ben je een keer op Klein Bonaire geweest, dan zouden de snorkelplaatsen bij Bonaire tegen vallen. We hebben er dan ook bewust voor gekozen om te gaan snorkelen bij Klein Bonaire op een van de laatste dagen van onze vakantie op dit eiland.

Klein Bonaire is te bereiken met een watertaxi of een boot. De tocht duurt ongeveer twintig minuten. In eerste instantie wilden we de watertaxi vanaf Eden Beach pakken, maar we besluiten om een keer niet vanaf de kant te snorkelen, maar vanaf een boot. Op het eiland zijn drie bedrijven waar een motorboot gehuurd kan worden. In Harbour Village Marina, op loopafstand van ons appartement,  zijn twee bedrijven gevestigd: Bonaire Boat Rental en Le Grand Bleu Boat Rental. We kunnen alleen nog een boot voor een middag huren bij Bonaire Boat Rental. Le Grand Bleu is al voor de gehele week vol geboekt.

We wandelen op ons gemak naar Bonaire Boat Rental. Om kwart voor 1 zijn we in de 'haven' van Bonaire. Nergens zien we een kantoortje. Buiten het hek wachten we. Even later komt er een jeep aanrijden, het kantoor van Bonaire Boat Rental. Bij de steiger liggen drie motorboten. We varen met de Hurricane Sundeck Sport 188 'Blue'. De boot is 5,5 meter lang. Een vaarbewijs is op Bonaire niet nodig. De eigenaar vertelt ons eerst waar we langs de kust mogen varen en daarna legt hij de bediening van de boot kort uit. En dan zet de eigenaar de boot in z'n achteruit en geeft het stuurwiel aan Ben. Hij springt zelf weer de kade op. Behendig vaart Ben de boot de haven uit. Op de boot kunnen tien personen. Ruimte genoeg dus voor
ons. Wij installeren ons eerst op het achterdek van de boot en proberen daarna het voordek uit.

Inmiddels zijn we de haven uit en gaat de gashendel verder naar voren. We varen eerst richting Punt Vierkant. Om ons heen vliegen vissen het water uit om verderop weer de zee in te duiken. De gashendel gaat nog iets verder naar voren, de eerste spetters vallen op ons neer. De boot draait om, waardoor we meer golfslag tegen hebben. En dan neemt Laura het stuur over. Harder, harder en harder gaat de boot. De golven slaan over de voorkant van de boot. Kletsnat worden we.

We varen richting Klein Bonaire. Er staat een harde wind. Windkracht 5 op land valt met alle bebouwing wel mee, maar windkracht 5 op een open zee is hard. Klein Bonaire heeft geen aanlegsteigers omdat het rif al vrijwel meteen langs de kust begint. De bootjes kunnen aan een boei gelegd worden. Bij het snorkelpunt 'No name beach' liggen vier boeien. Maar met alleen de vaarervaring van het afgelopen uur en windkracht 5 is het niet gemakkelijk om de boot aan te meren. Ben probeert de boot naar een boei te varen, maar voor we het weten zijn we de boei alweer voorbij. Gelukkig liggen er nog meer boeien. We varen naar de volgende en komen in de buurt, maar we kunnen het touw van de boei net niet pakken. In z'n achteruit en nog een poging. Met de haak pakt Laura het touw op, maar de haak komt niet in de lus waardoor we weer mis grijpen. Bij poging 4 komt de haak in de lus, maar nu nog zien vast te houden. Inmiddels ligt Laura plat over het voordek. Ze is niet van plan om los te laten. En het lukt, we slaan de aanmeerlijn door de lus en knopen de lijn vast aan de boot.

De boot schommelt heen en weer, maar ligt vast. En nu komt de tweede uitdaging, hoe komen we van de boot af met een snorkelbril en vinnen? Bij de boot zit een los trapje, het vaste trapje is kapot. We hangen het trapje aan de zijkant van de boot. Boottrapjes hangen verticaal in het water, de treetjes van het trapje hangen dus recht onder elkaar. Laura kiest de gemakkelijke weg. Zij laat zich vanaf de rand van de boot het water in glijden. We gaan via het trapje. Eerst het ene been over de rand, voelend waar een voet op een tree geplaatst kan worden. Geen idee waar de eerste tree voor is, want die zit veel te hoog. Met een voet op de tree, nu nog proberen om het andere been over de rand van de boot te krijgen, zonder het evenwicht te verliezen. Beide handen stevig aan de linker- en rechterleuning van de trap en met een voet op een tree, komt het tweede been uiteindelijk ook mee.

Onze eerste snorkeltocht vanaf de boot. Of eigenlijk zwemmen we eerst naar de kant om daar de vinnen aan te doen. Eigenlijk dus toch wel een snorkeltocht vanaf de kant. De stroming neemt ons mee. De golven slaan over de snorkelpijp waardoor de pijp (en onze mond) vol zout zeewater komt. Proestend komen we weer boven. We zien weinig vissen en in ieder geval geen vissen die we nog niet eerder gezien hebben. Vechtend tegen de stroming zwemmen we verder van de kust af.



En dan zien we boven het koraal een  ........ zeeschildpad, We denken een karetschildpad vanwege de papegaaiachtige bek. Hij gebruikt zijn lange, platte voorpoten om statig door het water te zwemmen. Met de achterpoten stuurt de schildpad de zwemrichting bij. Een keer gaat de schildpad naar boven om lucht te happen. Verder zwemt de schildpad in ondiep water door de zee. We zwemmen met de schildpad mee. De schildpad stoort zich niet aan ons. Steeds dichterbij komen we. We zwemmen boven de schildpad en zelfs nog even voor de schildpad zodat we mooie foto's en filmpjes kunnen maken. We blijven een tijdje bij de schildpad totdat we een barracuda zien. Ook deze roofvis hebben we op onze snorkeltochten nog niet eerder gezien. Nadat we de barracuda op foto en film hebben gezet, keren we nog terug naar de plek van de schildpad. De schildpad kunnen we niet meer vinden.



Via het strand lopen we terug naar de boot. We lopen voorbij de boot zodat de stroming ons naar de boot voert. En nu moeten we met hetzelfde trapje weer proberen in de boot te komen. Het onderste treetje van de trap zit veel te hoog. We trekken ons met onze armen eerst omhoog zodat we onze voet op de onderste tree kunnen plaatsen. Maar eerlijk is eerlijk, de boot ingaan is gemakkelijker dan de boot verlaten. We blijven nog even aan de boei liggen en drinken een flesje water. Het laatste uurtje varen we nog een keer langs de kustlijn, zowel in noordelijke als zuidelijke richting. De gashendel staat weer vol open.