zaterdag 5 augustus 2017

Banff

We vertrekken weer vroeg. Het eerste gedeelte kunnen we niet anders dan over Trans-Canada Highway rijden. Na 30 kilometer slaan we rechtsaf, de Bow Valley Parkway op. De Bow Valley Parkway loopt 48 kilometer parallel aan de Trans-Canada Highway naar Lake Louise. 

Van een hert kijken we niet meer op. Iedere dag zien we wel een paar herten. En over de eekhoorns struikelen we. Voor het eerst zien we op een helling twee rendieren lopen. Waarschijnlijk nog jonge rendieren, als we afgaan op het gewei. Even verderop spelen twee grondeekhoorns langs de rand van de weg.


>
Bij Johnston Canyon Lodge parkeren we de auto. De auto kunnen we nog net parkeren op het dichtstbijzijnde parkeerterrein. We gaan wandelen door Johnston Canyon. Duizenden jaren erosie in de kalksteen-rotsen aan de rivier Johnston Creek zorgen voor een mooi lansdchap. Aan de rotsen is op sommige plekken een (vlonder)pad aangelegd. In de canyon liggen twee watervallen en de beroemde ‘Ink pots’.Na een korte klim door het bos dalen we af naar de eerste waterval, Lower Falls. Een eenvoudige wandeling van bijna 1 kilometer, waar we - door het maken van de vele foto’s – toch nog 30 minuten over doen. Het vlonderpad loopt langs het water van Johnston Creek. De Lower Falls is geen grote waterval. Via een tunneltje in een rots kunnen we tot heel dicht bij de waterval komen.
Achter de Lower Falls gaat het wandelpad verder langs kleine watervallen van Johnston Creek. Veel wandelaars haken al af. Maar omdat het vandaag erg druk is, blijven er nog genoeg toeristen over die nog 1,5 kilometer verder wandelen. De Upper Falls valt over misschien wel 30 meter over een goudkleurige rotswand naar beneden.



Vanaf Upper Falls kunnen we doorlopen naar de Ink pots. De wandeling van 3 kilometer loopt door het bos en komt uit op een open weide. Hier liggen de Ink Pots. Het is een pittige wandeling, met veel steile gedeelten.De Ink Pots zijn vijf blauwgroene poelen die elk een eigen kleur hebben. De kleur van de poelen ontstaat door de snelheid waarmee de poel vult. De groene ink pots vullen langzamer, hierdoor hebben zij een zwaardere substantie van fijne materialen dan de blauwe poelen. De pots zijn koudwater bronnen. De temperatuur ligt gedurende het jaar gemiddeld op 4 graden Celsius. In de poelen liggen cirkels. Pas nadat we een poosje staan te kijken, begrijpen we hoe de cirkels ontstaan. Het drijfzand beweegt constant en veegt zand weg waardoor er cirkels in de poelen ontstaan.




Naast de poelen stroomt de rivier Johnston Creek. Bij de rivier zoeken we een boomstam op, waar we op kunnen zitten en eten we onze lunch op. We wandelen op ons gemak de zes kilometer weer terug. Onderweg zien we tussen de bomen een vos lopen. Behendig klimt de vos over de omgevallen boomstammen de helling weer op en verdwijnt snel uit het zicht.Het is inmiddels 2 uur. We rijden over Bow Valley Parkway door naar Lake Louise. Na 27 kilometer stoppen we kort bij het uitzichtpunt Morant’s Curve. Het is de plek om een trein van Canadian Railway te fotograferen tegen de achtergrond van de Bow river en het berglandschap. Een fotograaf zit al uren met z'n fototoestel op een stoeltje te wachten op dat ene fotomoment. Wij hebben niet eens meer tijd om uit de auto stappen. En de trein staat erop.


 
Een paar kilometer verder ligt Lake Louise. We willen het meer bezoeken, niet het gelijknamige dorpje. Lake Louise is het beroemdste meer van de Canadese Rocky Mountains. Maar we mogen onze auto niet parkeren. Het is te druk. Op de terugweg slaan we nog even rechtsaf en rijden de 12 km lange Moraine Lake Road naar Moraine Lake. Volgens vele toeristen is dit meer nog mooier dan Lake Louise. We kunnen niet vergelijken, maar het meer is schitterend.

Het gebied rondom het gletsjermeer heet Valley of Ten Peaks. Om het meer liggen tien bergpunten van wel 3 km hoog, vandaar de naam Ten Peaks. Langs de rand van het meer drijven grote boomstammen, voor veel toeristen een uitdaging. Natuurlijk ook voor onze jongens. Zij wandelen over de grote boomstammen en klauteren naar de top van de Rockpile. Wij nemen de veilige weg en wandelen 300 meter, naar de top. Een pika snelt met een paar grassprieten in de mond naar het holletje terug. Op de top hebben we een prachtig uitzicht over het meer. Het water is kristalhelder en turquoise van kleur. De kleur wordt veroorzaakt door gletsjerslib, dat vlak onder het wateroppervlakte blijft hangen. Het uitzicht wordt ook wel ‘Twenty Dollar View’ genoemd, omdat het uitzicht op het oude biljet van 20 dollar staat.



Over de Bow Valley Parkway rijden we weer naar ons appartement in Canmore. Hoe we ook de omgeving afspeuren, de dieren laten zich niet aan ons zien.