donderdag 14 juli 2016

Caldera Blanca

In het Parque Natural de los Volcanes kunnen we wandelen zonder gids. De vulkanen Montana Calderetta en Caldera Blanca liggen in het Parque Natural. Met 2 liter ijswater, 2 bananen en 2 stokbroden met zalm en kruidenkaas in de rugzak gaan we de Caldera Blanca, een van de oudste en grootste kraters op het eiland, beklimmen.

Na het bezoekerscentrum van Timanfaya slaan we op een tweesprong, vlak voor Mancha Blanca, linksaf een smalle, onverharde weg op. Langs de weg staan aan beide kanten lage muren. Aan het einde van de weg is een kleine parkeerplaats. Direct aan de parkeerplaats start een aangelegd pad van grove, grijze lavastenen.

We volgen het lavapad bijna 2 kilometer. Het pad komt uit aan de voet van de Montana Calderetta. Via een oranje zandpad lopen we naar de ingang van de krater. Kleine hagedissen schieten voor onze schoenen weg. Ze verbergen zich onder de lavastenen, maar willen zo graag de kaakjes opeten die wandelaars hebben laten liggen. Voorzichtig komen ze weer tevoorschijn, pakken snel een kaakje en verstoppen zich weer.

Achteraf kiezen we de verkeerde weg naar Caldera Blanca. Langs de voet van de Montana Calderetta lopen we verder. Het zandpad stijgt. We klimmen omhoog en lopen tussen beide vulkaankraters. Het lukt ons niet om een pad te vinden waarmee we de lavazee kunnen oversteken. Er zit niets anders op dan weer terug te keren.

We zoeken het aangelegde pad weer op. Bij een y-splitsing houden we links aan.

Eerdere wandelaars hebben op de grond met losse stenen pijlen gemaakt die de richting van een 'pad' aangeven. Een echt pad is er niet, maar de pijlen helpen ons bij het vinden van een makkelijke route. De laatste pijl wijst naar een pad dat tussen twee lage rotswanden loopt. Vrij eenvoudig klimmen we omhoog.


Langs de krater eten we onze lunch op. Het is mogelijk om rond de krater te lopen, maar we besluiten om via dezelfde weg weer terug te lopen.

We rijden nog even langs Los Hervideros.  Lavastromen hebben voor een ruige rotsformatie gezorgd die zeer abrupt stopt waar de zee begint.

Tussen de rotsen zijn wandelpaden en uitzichtplateaus aangebracht. Hierdoor hebben we een prachtig zicht op de schuimende koppen van het zeewater die door de kieren en gaten van de rotsen gejaagd worden. Zeker als de zee wat ruwer is gebeurt dit met een enorme kracht. Nu is de zee erg rustig.