zondag 20 maart 2016

Addo Elephant National Park


Op naar de Big Five! Op 220 km rijden ligt het Addo Elephant National Park en aangrenzend de Scotia Safaris Game Farm. De komende vijf dagen gaan we op safari. We rijden op de N2 zo snel mogelijk naar de zuidelijke ingang van het Addo-park, de Mathyolweni Gate. Het park is in 1931 opgericht, om de elf olifanten die toen in het gebied verbleven, te beschermen. In het park wonen nu meer dan 600 olifanten, maar ook leeuwen, buffels, zwarte neushoorns, jackhals, gevlekte hyena's, luipaarden, hartebeesten, elands, kudu’s, duikers, grijsbokken, zebra’s, wrattenzwijnen, meerkatten, de vervetaapjes en tal van kleinere dieren, waaronder de beschermde Addo mestkever. Kortom, in het park leeft niet alleen de Big Five. Bij de ingang van het park hangt een plattegrond met daarop aangegeven waar de dieren voor het laatst gezien zijn. Bij het inrijden van het park controleert een bewaker onze kofferbak op …. wapens? Ook bij het verlaten van het park moeten we de kofferbak weer openen. We krijgen een kaart mee, waarop we kunnen aankruisen welke dieren we onderweg zien. En dat worden er heleboel, niet alleen in soorten maar ook in aantallen. Na ons bezoek aan het park hebben we vier (leeuw, olifant, buffel en neushoorn) van de Big Five gezien en nog een heleboel andere dieren.

Het wildpark is 180.000 hectare groot en is daarmee het derde nationale park van Zuid-Afrika. De begroeiing van het park bestaat vooral uit lage en middelhoge planten, bomen en struiken. De wegen zijn veelal onverharde en kronkelige paden, op een behoorlijk glooiend terrein. Op het park is de maximumsnelheid 40 kilometer. Soms lopen de dieren langs of op de weg, soms zien we dieren op de grasvlakten wandelen of liggen, soms komen de dieren opeens vanachter een boom of struik tevoorschijn.


Plekken om dieren te spotten zijn de waterplassen. Veel dieren komen op deze plekken voor water en verkoeling. Veel van de waterplassen in Addo staan (bijna) droog. Bij de Hapoor Dam staat er nog wel voldoende water. De naam Hapoor is afkomstig van de vroegere leider van de olifanten. Deze olifant had een hap uit zijn oor. De groep verstootte de leider, en Hapoor ontsnapte uit het Addo Elephant Park. Al snel na z’n ontsnapping werd hij gedood omdat hij te agressief was. De waterplas is vernoemd naar deze olifant. Regelmatig rijden we even langs de Hapoor Dam. We zien aan de vele uitwerpselen op de grond dat er veel olifanten naar de Hapoor Dam komen. Een paar keer komen we vergeefs, slechts een paar vogels liggen in het water. En dan spotten we tussen de bomen een olifant. Het lijkt alsof de olifant heel doelbewust naar de Hapoor Dam loopt. We volgen de olifant. Vlak voor onze auto steekt de olifant over en blijft net voor ons lopen. In de verte zien we de Hapoor Dam al liggen. We rijden alvast door en zien meer dan twintig olifanten al bij de waterplas staan. Wanneer ‘onze’ olifant ook aankomt bij de waterplas, doen alle olifanten een paar stappen naar achteren. Op afstand kijken de olifanten hoe de mannetjesolifant drinkt uit de waterplas. Voorzichtig komen de andere olifanten weer dichterbij. De jonge olifanten worden beschermd. Omringd door andere olifanten worden ze meegenomen. Een oudere olifant geeft de jonge olifant via de slurf heel voorzichtig water. Op nog geen vijf meter van onze auto staan zeker 20 olifanten te wachten op het startsein van de leider. Na tien minuten verlaten ze de waterplas. De vrouwtjes met jongen gaan de ene kant op, de mannetjes lopen alleen het park weer in.

We zien de Addo mestkever druk bezig langs de weg. De Addo mestkever kan niet vliegen. De ongevleugelde mestkever kneedt de mest van olifanten tot een balletje, legt er een eitje in en rolt het vervolgens weg. Ook deze dieren worden met uitsterven bedreigd. Overal in het park staan borden met de waarschuwing niet over de mesthopen van olifanten te rijden en zo de beschermde kevers te ontwijken.

In de namiddag rijden we het park weer op. Er staat een frisse wind, de temperatuur zakt snel. De dieren zijn heel actief en lopen dicht langs de weg. Het lijkt wel of alle kuddes zich hergroeperen voor de nacht. We zien grote groepen buffels lopen, in eerste instantie lijkt het alsof ze naar een waterplas lopen. Steeds meer buffels sluiten ze bij de groep aan. En dan besluit de leider om rechtsaf te gaan, en voor onze auto over te steken. De groep – inmiddels zijn het er wel tientallen - volgt, eet nog wat gras, en steekt ook over. Ruim tien minuten staan we tussen de buffels. De auto staat voor de zekerheid in de achteruit. Ook de olifanten gaan aan de wandel. Overal zien we olifanten. Er ontstaan hele opstoppingen van auto’s, die geen kant meer uit kunnen. De olifanten bepalen op het park de regels. Sommige olifanten komen wel heel dicht bij onze auto. Zo dichtbij dat we in de auto toch wel even onze adem inhouden als er een olifant recht op onze auto afkomt en op nog geen halve meter langs de auto loopt. Wat is een olifant groot, en wat voelen we ons klein in onze auto.


We zouden twee nachten verblijven in Addo Rest Camp, maar ook bij deze boeking is de betaling niet goed gegaan en daarmee de reservering geannuleerd. Na de problemen in Tsitsikamma hebben we Zuidafrikaspecialist.nl gevraagd de andere geboekte accommodaties nog even te controleren. In Tsitsikamma hoorden we al dat we maar een nacht kunnen overnachten in Addo. Zuidafrikaspecialist.nl vindt een vergelijkbare accommodatie, op 11 kilometer van het park, bij De Aardvark. Beide nachten slapen we in een rondavel, een rond huisjes met een rieten dak, met airconditioning, een eigen badkamer en koelkast. Het rondaval op Addo staat vlakbij een waterplas. Vanaf het rondaval kunnen we de olifanten zien drinken en douchen (met water of modder). Het is een komen en gaan van kuddes olifanten. Geduldig staan ze op elkaar te wachten. En aan het einde van de middag zien we zelfs een neushoorn uit de waterplas drinken.