vrijdag 8 juli 2016

National Park Timanfaya

In het zuidwesten van Lanzarote ligt het nationale park Timanfaya. Het nationaal park is vernoemd naar het eerste dorp dat tijdens de vulkaanuitbarstingen in 1730-1736 weggevaagd is. De erupties duurden uiteindelijk zes jaar, waarbij maar liefst elf dorpen van de aardbodem verdwenen.  In die tijd leefden 4.800 mensen op het eiland. Toch zijn er geen dodelijke slachtoffers gevallen. Ook in 1824 is er nog een lichte uitbarsting van drie maanden geweest.

Het gebied beslaat ongeveer 51 vierkante kilometer.  Bezoekers kunnen in een bus of op de rug van een dromedaris een gedeelte van het gebied bezoeken. De toeristische busrit door het vulkanisch landschap is bij de toegangsprijs van het park inbegrepen.

Het is niet toegestaan om vrij in het natuurgebied te wandelen. Dit om te voorkomen dat te veel mensen in dit kwetsbare gebied komen. Voetstappen blijven bijvoorbeeld jaren zichtbaar in het as. Wel is het mogelijk om een gratis wandeling van 3,5 km over de Termesanaroute met een gids te maken. We moesten deze wandeling twee maanden van tevoren op de website aanvragen.

Om kwart over 9 worden we bij het bezoekerscentrum verwacht. Even voor 9 uur staan we al bij de entree van het park. We kopen een kaartje  (9 euro per persoon) en rijden naar het parkeerterrein, 2 kilometer verderop. Na het parkeren van de auto gaan we op zoek naar het bezoekerscentrum. En dan blijkt dat het bezoekerscentrum 5 kilometer terug ligt. Ben scheurt tussen de lavazee terug naar de entree en slaat linksaf.  Precies om kwart over 9 draaien we het parkeerterrein van het bezoekerscentrum op. We ondertekenen nog een formulier, waarin we verklaren dat we op eigen risico meewandelen.

Met twee groepjes van acht personen vertrekken we in een busje. De Spaanstalige groep rijdt naar het einde van de wandeling, de Engelstalige groep naar het begin van de wandeling. Of andersom, het is maar net in welke groep je zit. Halverwege de wandeling komen we elkaar weer tegen, waarbij de gidsen de sleutels van de busjes uitwisselen.  We gaan mee met gids Cristina. Zij spreekt erg goed Engels, met een grappig Spaans accent.  Vol passie vertelt zij over het ontstaan van het nationale park. We leren van alles over lava: verschillen tussen lava met hoge en lage viscositeit, scherpe en gladde lava, vulkanisch gesteente.



De wandeling gaat over lava-as, lavagruis en lavagesteente. Het landschap wordt steeds ruiger. De lava ligt steeds hoger opgestapeld. We zien golven van lava die bij het stollen van de lava afgebroken zijn. Plotseling stoppen we. De gids vraagt ons in een klein kringetje te gaan staan. Ze springt op en neer. De grond onder ons begint te bewegen, kleine golvende bewegingen. We lopen op lavatunnels. Aan het einde van de wandeling gaan we zelfs nog een lavatunnel in. In de tunnel kunnen we bijna rechtop staan. Het is muisstil. Alleen de wind horen we langs en over de vele vulkanen blazen.

We lopen terug naar de bus en rijden terug naar het bezoekerscentrum. De wandeling duurde drie uur. En met het heen en weer rijden is het inmiddels half 2.

Na de wandeling eten we wat in het restaurant op het park. De keuken van het restaurant maakt gebruik van de vulkaan. Onze spies met vlees ligt op een rooster boven  een put met vulkanische warmte. De temperatuur in het gat is meer dan 300 graden Celcius. De lunch is zo klaar. Binnen een paar minuten kunnen we eten.


We pakken de bus en rijden in een half uur door het vulkanisch landschap. Het landschap is indrukwekkend. Van glooiende aswoestijnen, langs muren van gestapeld lava rijden we naar de krater waar ooit de eerste eruptie op Lanzarote begon. De bus rijdt over smalle, geasfalteerde wegen, maakt onmogelijke bochten langs afgronden. Mensen met hoogtevrees voelen zich wel enigszins ongemakkelijk - voorzichtig geformuleerd - in de bus.

Buiten het restaurant - op een nog bestaande magmakamer - zien we nog hoe heet het op geringe diepte onder de grond is. We krijgen wat grind van slechts 10 centimeter diepte op onze hand. Al gauw ligt het grind op de grond omdat het te heet is. Een medewerker houdt op één meter diepte een stuk stro tegen de hete steen. Binnen een paar seconden begint het stro spontaan te branden. Een andere medewerker gooit een emmer water in een gat in de grond. Na twee seconden spuit het water er als stoom met grote kracht uit.

We rijden nog even naar het vissersdorp El Golfo. Bij binnenkomst van het dorp ligt er aan de linkerkant een parkeerterrein waar we de auto parkeren. Vanaf het parkeerterrein gaat een wandelpad omhoog naar het uitzichtpunt Lago Verde. Het meer is ontstaan in een oude krater. Nog steeds wordt water ondergronds aangevoerd wordt naar het meer. Het meer is zo groen vanwege algen die in het zoute water leven. De felle groene kleur steekt mooi af bij de zwarte kraterwanden. De steile wanden rondom het strand en Lago Verde vormen de helft van de oorspronkelijke krater waaruit het groene meer ontstaan is. De andere helft is door de zee inmiddels afgebroken.